Met Ben Tiggelaar naar Kenia PDF Afdrukken E-mailadres
Geschreven door Henk Jan Kamsteeg   
vrijdag 01 oktober 2010 13:08
Op uitnodiging van Compassion bezocht Ben Tiggelaar deze zomer Kenia. Daar doceerde hij niet alleen in leiderschap, hij leerde ook veel. Met Leadership reisde ik mee. 2010-3-cover

 

 

 

In drie maanden tijd worden jongens uit de Masaistam in Kenia door oudsten uit het dorp gevormd van jongen tot man. De jongeman die tijdens de periode die de kleine groepen in afzondering doorbrengen een leeuw doodt, keert als leider in zijn dorp terug.

Een eeuwenoude traditie die de Masai tot op de dag van vandaag praktiseren. Een traditie ook die uitstekend lijkt te passen in het leven dat deze mensen op slechts twee uur rijden van Kenia’s hoofdstad Nairobi leiden. Een bewonderenswaardig primitief leven in lemen hutjes zonder bijvoorbeeld stromend water, elektriciteit of internetverbinding. Een leven ook waarin jongens de kuddes hoeden, vrouwen voor de kinderen, het eten en het inkomen zorgen en mannen… Tja, mannen doen eigenlijk niets. Ja, zij zetten hun speer voor het hutje van de vrouw met wie zij die nacht besluiten door te brengen. Zodat iedereen (inclusief de echtgenoot zelf) weet dat zij bezet is.

In deze wereld begeeft de stichting Compassion zich. Hier krijgen kinderen ten minste eens per week fatsoenlijk te eten, kleding en een opleiding. En wie op latere leeftijd het potentieel heeft te kunnen groeien op de maatschappelijke ladder hoeft voor een leiderschapspositie niet langer het gevecht aan te gaan met een leeuw, maar kan deelnemen aan het Leadership Development Program (LDP) van de wereldwijd opererende organisatie. Dit mede dankzij de bijdrage van sponsors uit het rijke, ontwikkelde Westen.

 

Dienen

Wanneer een leeuw gromt, roept hij in feite uit: ‘Alles is van mij. En van mij alleen.’ Door zijn scherpe, dreigende tanden te laten zien, verdedigt hij zijn territorium. De vergelijking met veel leidinggevenden uit bedrijfsleven, kerk of politiek is gemakkelijk gemaakt. Zelfdienende leiders in overvloed. Wanneer wij willen leiden ‘at a higher level’, zoals leiderschapsdenker Ken Blanchard het verwoordt, zullen wij alsnog een leeuw moeten doden. De leeuw van ons eigen ego. Alleen dan kunnen wij uitgroeien tot dienende leiders. Leiders die niet leiden uit angst of trots, maar uit nederigheid en gezond zelfvertrouwen.

Het LDP van Compassion investeert in dienend leiderschap. In jongens én meiden die zonder sponsorschap geen schijn van kans hebben te ontsnappen aan een leven in primitieve stammen of mensonwaardige sloppenwijken. In leiders die niet alleen de mogelijkheid krijgen zichzelf te ontwikkelen, maar die door de juiste begeleiding het verlangen krijgen door hun nieuwe positie dienstbaar te zijn aan de talloze landgenoten die deze kans niet hebben. In leiders die een ander geluid kunnen laten horen in landen waarin corruptie vaak hoogtij viert.

 

Doelgerichtheid

Met Jan Willem Vink en Nathan van Dam van Compassion zijn wij, veelgevraagd spreker Ben Tiggelaar, succesvol ondernemer Philip-Jan Reeb (Floreijn) en ikzelf, afgereisd naar Kenia. Doel is kennis te maken met het LDP, maar ook om te spreken op een leiderschapsconferentie voor de meer dan honderd LDP-studenten. Maar meer nog dan dat wij de kans krijgen anderen te doceren, zitten wij zelf in de leerbanken. Want wat leren wij op het gebied van leiderschap veel van de inwoners van het land waar de helft moet zien te overleven van minder dan één euro per dag.

De eerste lessen die wij krijgen, is op de dag na aankomst in Nairobi. Wij spreken met het personeel van het hoofdkantoor van Compassion. Wat in hun verhalen opvalt, zijn niet alleen de passie en helder geformuleerde visie van de organisatie, maar ook de perfect uitgewerkte strategie hoe hun dromen te verwezenlijken. ‘Dromen, durven, doen’ in de praktijk dus. Wie van het personeel wij ook vragen naar hun rol in de organisatie, allen weten zij direct te verwoorden wat hun doelen zijn. Neem dan de cijfers uit een onderzoek van Franklin Covey. Hieruit bleek dat 60 procent van de werknemers in westerse bedrijven niet weet wat het verband is tussen hun werk en de doelen van de organisatie.

 

Een andere les krijgen wij van Ben , hoofd van een sponsorproject onder de Masaikinderen. Niet alleen zien wij zijn onvoorwaardelijke liefde voor de kinderen, ook beseffen wij bij elk woord dat hij zegt, dat wij te maken hebben met iemand met een uitstekend IQ. Ben, gekleed in de traditionele felrode kleding, had zonder enige twijfel carrière kunnen maken in de grote stad wanneer hij dat had gewild. Maar in plaats van voor het bij het zakenleven behorende comfort te gaan, blijft hij in de omgeving waar hij zelf opgroeide. Hier kan hij namelijk werkelijk van betekenis zijn voor de bijna driehonderd kinderen die hij onder zijn hoede heeft.

 

Of neem nu de moeders die wij ontmoeten. De rol van de man is vaak van weinig tot geen betekenis. Als zij überhaupt nog in leven zijn. In een land waarin 7,1 procent hiv-besmet is (en onder de Masai zelfs meer dan 30 procent) is het percentage eenoudergezinnen waanzinnig groot. Moeders zijn hier het hoofd van het gezin. Zij zijn de leiders die zichzelf volledig wegcijferen voor het belang van hun kinderen. Om hun alles te kunnen bieden wat een leven in de sloppenwijken te bieden heeft.

 

Hilda en James

Lessen leren wij ook van Hilda en James, twee studenten die gesponsord worden door respectievelijk Blanchard International Nederland en Ben en Ingrid Tiggelaar. Hilda ontmoeten wij in de wijk waar zij opgroeide en waar haar moeder nog steeds woont. Wij zijn in Mathara, een sloppenwijk van Nairobi die zich uitstrekt over een lengte van tien kilometer. Hier wonen de mensen onder golfplaten, stinkt het naar het open riool en is de rotzooi die in de stoffige, zanderige steegjes ligt onbeschrijflijk. In deze mensonterende vallei groeide Hilda op. Net als de talloze kleine kinderen die nu in de vieze steegjes spelen en ’s nachts hun toevlucht in de hutjes zoeken om niet het slachtoffer te worden van geweld, verkrachting of moord.

Hilda was een van de sponsorkinderen van Compassion. Door de hulp die zij kreeg, was haar moeder in staat het weinige geld dat zij verdiende, te verdelen over minder kinderen. Nu kan zij een betere woning huren: een kale betonnen ruimte van twee kleine kamers, zonder toilet of douche, waar zij nu samen met kinderen en kleinkinderen woont. Een van haar dochters slaapt op de oude, stoffige bank, vier kinderen verdelen het stapelbed en zijzelf slaapt met drie van haar kleinkinderen in het bed dat er pal naast staat.

Hilda komt hier elk weekend logeren. Doordeweeks huurt zij samen met een andere LDP-student een kamer in de stad. Maar op zaterdag en zondag komt zij elke week naar haar oude buurt terug. Om bij haar familie te zijn, om te helpen bij het kindsponsorproject van haar kerk en om ’s zondags mee te zingen in het aanbiddingsteam van de gemeente.

De week na ons bezoek heeft Hilda examens voor haar eerste jaar van haar studie management. Vier jaar duurt haar studie. Over drie jaar hoopt zij af te studeren en haar opleiding te kunnen gebruiken om succesvol te zijn. Op de vraag wat zij onder succesvol verstaat, komt het opvallende antwoord dat succes de mogelijkheid is anderen te dienen… Doorvragen leert dat Hilda niet een sociaal wenselijk antwoord geeft, maar een oprecht verlangen heeft de kans die haar geboden wordt te gebruiken voor het geven van kansen aan anderen. Haar geloof in Jezus en het feit dat een sponsor in haar gelooft, is voor haar een motivatiebron een succesvol leider te worden. Niet voor niets noemt de voorganger van haar gemeente Mathara een ‘vallei van hoop’.

 

Conferentie

Ook James, opgegroeid in de sloppenwijk Dandora, heeft een aangrijpend levensverhaal. Net als eigenlijk alle LDP-studenten die wij deze week ontmoeten. Het is bijna niet te geloven dat de jongeren die wij spreken, eens in armoedige kleding door de vuile steegjes van hun sloppenwijken zwierven, net als de kinderen die wij nu zien. Vooraf was de enige hoop die ik verwachtte te zien een hoop ellende. Maar hier, juist hier, ontmoet ik deze week Jezus. Hetgeen mij volgens Jan Willem Vink niet zou moeten verbazen. “Als Jezus ergens is, is het hier.”

Sinds 1999 is het project van Compassion in samenwerking met de Redeemed Gospel Church in Dandora James’ tweede huis. Eerst als sponsorkind, nu als bezoeker van de kerkdiensten. Doordeweeks is James in de stad te vinden. Daar studeert hij economie en statistiek. Hiermee is hij de trots van de familie. Door het succes van James heeft heel de familie succes. Geen jaloezie van zijn zussen dus. Nee, zijn jongere zus vertelt juist erg blij voor haar broer te zijn. Dat hij nu in Ben en Ingrid zijn sponsors ontmoet, is een hoogtepunt voor het hele gezin. James kan geen genoeg krijgen van de brief die de familie Tiggelaar samen met hun vier dochters voor hem hebben geschreven. Doordat hij vroeger als kind geen brieven kreeg van zijn sponsor, had hij het gevoel gekregen dat hij niet goed genoeg presteerde op school, dat zijn sponsors hem geen goede leerling vonden. Later deze week horen wij dat James zelfs midden in de nacht zijn brief van a tot z overlas en direct heeft ingelijst.

Extra bijzonder voor hem is natuurlijk dat juist zijn sponsor het belangrijkste deel van de tweedaagse leiderschapsconferentie voor zijn rekening neemt. Met een notitieblok in de aanslag hoort James Ben Tiggelaar vertellen over de ideeën van onder anderen Peter Drucker, Stephen Covey en Robert Quinn. MBA in een halve dag, aangevuld met lessen aan de hand van zijn eigen bestsellers. En ook nu weet Tiggelaar zijn toehoorders van begin tot eind te boeien. Zijn lessen blijken culturen te overstijgen. Elk woord van Tiggelaar wordt driftig genoteerd. En voor iedereen die Tiggelaar weleens heeft horen spreken, weet dat dit een prestatie op zich is.

 

Philip-Jan Reeb, zelf sponsor van vijf studenten, daagt de studenten op zijn beurt uit visie voor hun omgeving, stad en land te krijgen. Want, zo stelt hij overtuigend, ondernemerschap begint met een visie. In een workshop gaan de studenten aan de slag met het vormen van een ondernemingsplan. In een zogenoemde ‘Elevator pitch’ krijgen zij vervolgens de kans hun plannen te presenteren. Het is een belangrijke eerste aanzet om out of the box te leren denken.

Zelf kreeg ik de mogelijkheid in twee sessies de vier H’s van leiderschap te delen. Oftewel: het hart, hoofd, handen en handelen van de dienende leider. De reacties (zie kader) op de conferentie van zowel studenten, aangeschoven predikanten, sociaal werkers en medewerkers van Compassion, zijn overweldigend. Wat betreft het leerproces was hier duidelijk sprake geweest van tweerichtingsverkeer.

 

Duidelijk onder de indruk van het getoonde leiderschap en het verlangen naar groei in dienend leiderschap, sluiten wij de bijzondere week af. De woorden van Rose, predikantsvrouw en actief in het Compassionproject in Dandora, zeggen genoeg: “Afrika in het algemeen en Kenia in het bijzonder hebben te lijden onder corrupt leiderschap. Daarom is het zo belangrijk te investeren in dienend leiderschap. Wij moeten de gemeenschap mobiliseren om te gaan voor verandering. En dat begint bij leiders. Al beïnvloed je maar vijf mensen. Dan al heb je de kans verschil te maken in het leven van anderen. Hen te helpen zichzelf te leren kennen en verantwoordelijk te maken voor hun eigen ontwikkeling.”

Het was een onvergetelijke ervaring hier zowel getuige van te mogen zijn als hier een kleine bijdrage aan te mogen leveren.

 

 

Ben Tiggelaar over het Leadership Development Program

“Toen ik voor het eerst hoorde over het Leadership Development Program van Compassion, reageerde ik sceptisch. Ik vond het belangrijk dat jongeren in ontwikkelingslanden de kans kregen om te studeren, maar of je daar nu zo'n zwaar christelijk programma tegenaan moest zetten? In de afgelopen jaren ben ik er echter van overtuigd geraakt dat juist het dienende leiderschap dat Jezus van ons vraagt, de hoop is voor landen als Kenia. Leiderschap zonder besef van wat God als rechtvaardig en juist beschouwt, leidt – ook bij ons in het Westen – vaak tot grote problemen. Het is bijzonder om te ervaren dat de LDP-studenten die we in Nairobi hebben ontmoet hier zo diep van doordrongen zijn.”

 

Leadership Development Program

Het Leadership Development Program geeft jonge potentiële leiders in ontwikkelingslanden de kans hun leiderschapskwaliteiten te ontwikkelen om zo hun doel in Christus te bereiken.
Door een universitaire opleiding, gerichte trainingen en intensief mentoraat worden deze jongeren voorbereid op deze zware taak. Om tot het Leadership Development Program toegelaten te worden, worden jongeren beoordeeld op de volgende criteria:

-         intellectuele vaardigheden

-         christelijk karakter

-         betrokkenheid bij gemeenschap/kerk

-         leiderschapspotentieel

 

Als jongeren voldoen aan deze criteria volgt er een strenge selectieprocedure. Op dit moment zijn er jongeren die zijn toegelaten tot het LDP, maar nog geen sponsor hebben. Deze jongeren wachten op iemand die vertrouwen in hen heeft en hen wil ondersteunen in het bereiken van hun doel.

Sponsors kunnen persoonlijk investeren in het leven van één student. Voor € 225,- per maand ontvangt een student:

- een studie aan een erkende universiteit

- studieboeken

- aanvullende trainingen op het gebied van leiderschap en discipelschap

- huisvesting, eten en kleding


De gemiddelde duur van het LDP is 5 jaar. Dit is afhankelijk van de studie die de student volgt.

Laatst aangepast op maandag 24 januari 2011 12:02